Foley Tales laat zich horen

Het nieuwste project waar Foley artiest Ronnie van der Veer mee bezig is, is voor een aantal vooraf opgenomen geluidseffecten die in de musical ‘Willem van Oranje’ worden gebruikt. Vlak naast de microfoon in zijn studio ligt een stapeltje middeleeuwse harnas onderdelen. “Ik neem bijvoorbeeld het geluid op van een paard dat aan komt lopen en van een man die vervolgens afstapt.”

Foley is de kunst van geluidseffecten genereren die synchroon met het beeld worden opgenomen. Niet met fragmenten uit een bestaande geluidseffectbibliotheek, maar door het nabootsen met alledaagse objecten. Ronnie is een van de weinige Foley artiesten in Nederland en gaat sinds 2014 te werk in zijn studio ‘Foley Tales’, gelegen in de Gaelstraat.

Gras en Mos bak naast Djembe’s

Bij binnenkomst lijkt de ruimte net een garage. Metalen stellingkasten staan vol met gelabelde bakken en een assortiment aan losse spullen die niet veel met elkaar te maken lijken te hebben. Vlak naast de ‘Gras en mos bak’, liggen twee kleine Djembe’s. In een hoek staat een bak met paraplu’s, wandelstokken en scheppen. “Hier bewaar ik de grotere spullen en de dingen die ik niet vaak nodig heb.” legt Ronnie uit, terwijl hij richting de opnamestudio stapt.

Ook de opnamestudio staat vol bakken. Van enveloppen tot sportmateriaal, kogels en een bak specifiek voor piepende objecten. Er staan stapels aan verschillende kistjes, olielampen, zwaarden en helmen. Verderop staan de onderste vier treden van een houten trap die Ronnie uit een container heeft gevist.

Menselijke geluiden

“En het gaat over de interacties die mensen hebben met bepaalde objecten. Er zit veel karakteristiek en emotie achter ieder geluid. Niet iedere voetstap is hetzelfde. Een oude vrouw loopt niet hetzelfde als een tiener. Ze dragen ook niet dezelfde schoenen.” voegt Ronnie toe. Meerdere rekken staan propvol met ieder soort schoen dat te bedenken valt. De ondergrond telt natuurlijk ook mee. Er zijn van zowel stenen als houten vloeren verschillende segmenten over de studio verspreid, allemaal met nét een ander geluid.

“Deze klinkt wat holler.” zegt Ronnie, terwijl hij op een platform van de ene houten ondervloer naar de andere stapt. “Dat gebruik ik bijvoorbeeld voor een zolder.” Verderop in de studio staan drie zandbakken naast elkaar. De eerste is gevuld met aarde, takjes en bladeren. De tweede met losse aarde en de laatste bestaat uit zand, gras, mos en zelfs stukjes kerstslinger. Hij gaat het rijtje af en legt uit dat ze het geluid nabootsen van bosgrond, aarde en gras.

De standaard filmkijker merkt de constante achtergrondgeluiden vaak niet op. Maar onbewust voegt Foley een hele hoop toe aan het gevoel en de ervaring van de film. Voor nu maakt Ronnie zich dus zeker geen zorgen over de effecten van kunstmatige intelligentie op zijn vakgebied. Want die precieze observaties, de creativiteit en het gevoel dat bij Foley te pas komt, kan niet door een computer worden vervangen. – EVDW